Z–org: “Pilots WMO onvoldoende basis voor overheveling alle huishoudelijke zorg”

Geplaatst op: 25 oktober 2005

“Het gaat bij de plannen van de staatssecretaris om de overheveling aan ruim 400 gemeenten van 50 miljoen uren zorg die geleverd worden door 100.000 medewerkers aan 400.000 cliënten. Overheveling van al die huishoudelijke verzorging op basis van 8 pilots is geen zorgvuldige weg. Bovendien zijn de pilots papieren experimenten, gericht op procedures. Een echte praktijktoets is een veel zorgvuldigere start van een gedegen overgangstraject,” aldus Aad Koster, directeur Z–org, organisatie van zorgondernemers.

Z–org pleit voor een echte praktijkpilot en een minder grootscheepse operatie. De pilot zou eruit moeten bestaan dat eerst alleen de enkelvoudige huishoudelijke verzorging uit de AWBZ naar de WMO gaat en niet, zoals Ross-van Dorp wil, de meervoudige huishoudelijke verzorging. Enkelvoudige huishoudelijke verzorging betekent dat cliënten uitsluitend huishoudelijke zorg krijgen en geen andere vormen van zorg zoals persoonlijke verzorging en/of verpleging (de zgn. meervoudige huishoudelijke verzorging). Bij de pilot zoals Z–org die voorstaat, zouden bestaande cliënten hun rechten en zorgverleningrelaties behouden en nieuwe cliënten onder het WMO-regime vallen.
Het grootste voordeel van zo’n aanpak is dat mensen die enkelvoudige huishoudelijke verzorging krijgen, relatief wat minder kwetsbaar zijn omdat ze een minder complexe zorgvraag hebben. Bovendien gaat het om minder cliënten: 240.000. Bij enkelvoudige huishoudelijke verzorging is de organisatie beduidend eenvoudiger dan bij meervoudige.

Koster: “In de brief over dit onderwerp aan de Tweede Kamer stelt de staatssecretaris dat veel partijen, waaronder de zorgaanbieders, voorwaardelijk vertrouwen hebben in de gang van zaken. Vertrouwen dat staat of valt met de praktische uitwerking. Wij dragen een alternatief aan waarmee de uitwerking van overheveling van huishoudelijke zorg naar de WMO in de praktijk daadwerkelijk getoetst kan worden en stapsgewijs ingevoerd kan worden.”

Z–org, organisatie van zorgondernemers in Bunnik vertegenwoordigt ruim 90 instellingen. De Z–org-organisaties zijn ondernemers in de zorg. Zij regisseren en leveren oplossingen op het gebied van zorg, welzijn en wonen voor iedereen van 0 tot 115 jaar. Voorbeelden van de verschillende werkterreinen zijn: verpleging en verzorging (thuis of in een verpleeg- of verzorgingshuis), kraamzorg, jeugdgezondheidszorg (consultatiebureaus), preventie, uitleen van hulpmiddelen, voedingsvoorlichting en dieetadvisering. De leden van Z–org leveren deze zorg vanuit een gezamenlijke filosofie waarbij de cliënt centraal staat en zo thuis mogelijk zorg geboden wordt. De leden van Z–org hebben een marktaandeel van ca. 90% van de verpleging en verzorging thuis, rond de 70% van de kraamzorg en 100% van de jeugdgezondheidszorg. In de branche werken meer dan184.000 medewerkers voor zo’n twee miljoen cliënten.

|